Zowel geitenhouderij als gemeenten krijgen te maken met maatregelen
Demissionair kabinet neemt ‘maatregelen met veel impact’ vanwege Gezondheidsraad-advies geitenhouderijen

Het demissionaire kabinet wil onder meer een afstandsnorm voor nieuwvestiging voor geitenbedrijven, woningen en andere gevoelige bestemmingen uitwerken. ‘Dit is een maatregel met veel impact, niet alleen op de sector, maar ook op de planning van nieuw te bouwen woonkernen en andere functies in de fysieke leefomgeving nabij geitenhouderijen’, schrijven de bewindslieden aan de Tweede Kamer.
Het is daarom belangrijk om te komen tot een brede impactanalyse, volgens het Rijk. ‘Om duidelijkheid te krijgen en zo tot een zorgvuldige weging te komen wat een proportionele en goed onderbouwde aanpak is, waarin specifiek aandacht is voor het belang van de woningbouwopgave.’
Nieuwe inschatting
Bij de uitwerking van een potentiële afstandsnorm zal worden gekeken naar de invulling ervan, zoals de precieze afstand. Het kabinet schrijft: ‘De Gezondheidsraad adviseert een afstandsnorm van 1.000 meter te hanteren. De Gezondheidsraad zegt ook: hoe dichter bij de bron, hoe groter het risico. Het risico op longontsteking is het sterkst verhoogd binnen een woonafstand van 0-500 meter van een geitenhouderij (73 procent); binnen een woonafstand van 0-1000 meter is dat minder (19 procent).’
De ministers schrijven daarover: ‘Omdat het gezondheidsrisico afneemt met een grotere woonafstand van een geitenhouderij is van belang te weten hoe groot het risico is op een woonafstand van 500-1000m van geitenbedrijven, naast een risico-inschatting over de gehele kilometer. Over het risico binnen een woonafstand van 500-1000 meter kon de GR geen aparte schatting maken, omdat deze afstand niet is opgenomen in de gepubliceerde resultaten van het VGO-onderzoek. We hebben aan de VGO-onderzoekers gevraagd om deze schatting alsnog te maken, op basis van de oorspronkelijke data. De verwachting is dat zij in februari deze schatting kunnen opleveren.’
Bestaande bedrijven
De Gezondheidsraad adviseert vanwege een mogelijk verhoogde kans op longontstekingen bij omwonenden van geitenhouderijen om bij bestaande bedrijven in te zetten op reductie van emissies van micro-organismen, fijnstof en endotoxinen. Het is voor het kabinet echter lastig om deze maatregelen te nemen. Het is niet precies bekend welke uitstoot de verhoogde kans op longontstekingen geeft. De WUR doet momenteel een literatuuronderzoek naar mogelijkheden om de uitstoot van geitenstallen te verminderen.
Dit onderzoek komt eind januari naar buiten, maar het is nog niet bekend of daar concrete maatregelen in naar voren komen. Als er maatregelen zijn die direct toegepast kunnen worden, overweegt het demissionaire kabinet die maatregelen te verplichten.
No regret
Het kabinet schrijft: ‘Mochten in het verkennende onderzoek van de WUR technische maatregelen genoemd worden die emissies mogelijk kunnen verminderen, die niet ingrijpend of kostbaar zijn en snel zouden kunnen worden toegepast dan zouden deze als “no regret”-maatregelen kunnen worden opgepakt op korte termijn. Andere maatregelen die genoemd worden, maar wel ingrijpend en/of kostbaar zijn zullen nader onderzocht moeten worden. Dit kan bijvoorbeeld middels pilots in combinatie met monitoren van het effect op emissies. De geitensector heeft recent een sectorplan opgesteld met onder meer ideeën voor maatregelen op bedrijfsniveau die hierbij aansluiten.’
De Gezondheidsraad adviseerde het Kabinet te kijken naar geitenhouderijen bij ‘gevoelige locaties’. Het kabinet draait het ook om en schrijft: ‘Dit geldt ons inziens ook voor situaties waar relatief veel gevoelige bestemmingen (woningen en zeker ook scholen, kinderdagverblijven, ouderenhuisvesting, zorginstellingen) dichtbij een geitenhouderij staan of gepland zijn. Voor dergelijke ‘prioritaire locaties’ met een relatief hoog blootstellingsrisico willen we verkennen welke aanpak mogelijk is om het gezondheidsrisico voor omwonenden te verminderen. Maatwerk en proportionaliteit van maatregelen zijn daarbij het uitgangspunt. Dit vraagt dat we de lokale context goed in beeld brengen en bezien welke aanpak mogelijk is, waarbij we ook eventuele financiële consequenties in kaart brengen.’
'Geitenstop moet van kracht blijven'
Het kabinet wil zowel het aantal longontstekingen als de uitstoot van geitenbedrijven gaan monitoren. Bruijn en Wiersma schrijven: ‘De emissie- en gezondheidsrisicomonitoringsresultaten kunnen ook gebruikt worden om op den duur te beoordelen of genomen maatregelen nog proportioneel zijn. We hopen dat door het inzetten op emissiereductie door technische en organisatorische maatregelen op bedrijfsniveau, de risico’s voor de gezondheid in de toekomst zoveel mogelijk zullen verdwijnen. Dit zou voor zowel de omwonenden, voor de sector als voor de maatschappij het beste scenario zijn. Dit zal zeker geruime tijd (jaren) duren. Tot die tijd is de afstandsnorm en indien opportuun aanvullend beleid bij prioritaire locaties aangewezen. Bij ruimtelijke maatregelen uit voorzorg, zoals een afstandsnorm, is het gebruikelijk om uit te gaan van tijdelijkheid en deze periodiek te evalueren en opnieuw te beoordelen op proportionaliteit, geschiktheid en noodzaak.'
Voor de geitenhouderij blijven voorlopig beperkingen gelden. 'Omdat voor de uitwerking van deze maatregelen nog enige tijd nodig is, doen we een beroep op de provincies en gemeenten om de komende tijd nog vast te houden aan de bestaande tijdelijke beperkingen op de groei van de geitensector (de provinciale moratoria en gemeentelijk beleid). We zullen zo snel mogelijk daarna met een meer uitgewerkt voorstel komen voor de diverse componenten van de aanpak van het gezondheidsrisico rondom geitenhouderijen.'




