Ondanks kleine beleidsruimte wil Overijssel provinciaal wolvenplan

De provincie Overijssel heeft door de beschermde status van de wolf door de Europese Habitatrichtlijn maar heel weinig ruimte bij het vaststellen van een nieuw wolvenbeleidsplan. Hierdoor zal de focus in het nieuwe beleid vooral gericht zijn op maatregelen en subsidieregelingen voor preventie, monitoring, lobby richting Den Haag en de EU, maar ook de eventuele vergunningverlening voor afschot van probleemwolven.
Duidelijkheid en rust
Dat beleid moet in ieder geval zorgen voor meer duidelijkheid en rust onder de inwoners, bij medeoverheden, zoals gemeenten, en bij eigenaren van hoefdieren. Dat stelt Gedeputeerde Staten in een voorstel voor een nieuw provinciaal beleidsplan voor de wolf dat aansluit bij het landelijke IPO-wolvenplan en de specifieke situatie in Overijssel. In deze provincie zijn (nog) geen permanente wolvenroedels gevestigd maar zijn er wel rondtrekkende dieren gesignaleerd.
Belangen en visies
De komende tijd wil de provincie intensief in gesprek gaan met alle betrokkenen en belanghebbenden, van de veehouderij tot gemeenten, over de verschillende belangen en visies: ‘Zo kunnen wensen, knelpunten en kansen vroegtijdig worden gesignaleerd en kan beleid worden ontwikkeld dat realistisch en uitvoerbaar is.’
Angst en onrust verminderen
Doel van het nieuwe wolvenbeleidsplan is volgens het College om de rust en het welzijn van de inwoners te verbeteren door meer duidelijkheid te scheppen over de aanwezigheid van de wolf in Overijssel: ‘Duidelijkheid kan zorgen dat angst en onrust vermindert en mensen zich beter kunnen voorbereiden op bijvoorbeeld een mogelijke confrontatie met een wolf of door preventieve maatregelen te treffen.’
Veiligheid en incidentenbestrijding
Thema's in het wolvenbeleidsplan worden onder meer openbare veiligheid en incidentenbestrijding, langdurig beleid (visie en lobby) en de juridische beperkingen die van kracht zijn. De veiligheid voor mens en (huis)dier blijft voorop staan, zo stelt GS.
Gesprekken met betrokkenen
De komende tijd zullen er gesprekken worden gevoerd met een groot aantal organisaties en lokale overheden. Dat zijn onder meer gemeenten als Kampen, Zwolle, Staphorst en Steenwijkerland, de veehouderij en de LTO-vakgroep Schapenhouderij en Platform Kleinschalige Schapen- en Geitenhouderij, maar ook de Fauna Beheer Eenheid, de Koninklijke Nederlandse Jagersvereniging en Nederlandse Organisatie voor Jacht en Grondbeheer. Verder staan natuurorganisaties als Landschap Overijssel, Staatsbosbeheer, Natuurmonumenten en Overijssels Particulier Grondbezit, de Dierenbescherming en de recreatiesector op de lijst.
Eind april vastgesteld
De conclusies en ideeën uit de gesprekken worden vastgelegd in een verslag dat bij het uiteindelijke wolvenbeleidsplan als bijlage wordt toegevoegd. GS verwacht de (fysieke) gesprekken eind februari af te kunnen ronden en het wolvenbeleidsplan rond april vast te stellen. Er zal dan ook onderzocht worden of de informatie ook bij andere participatieprocessen rondom de verschillende gebiedsprocessen in het landelijk gebied of bij Natura 2000 bruikbaar is.

Tekst: Erik Kruisselbrink
Is als freelance vakbladredacteur van vele markten thuis.
Beeld: Ruth van Schriek Agrio Archief
