LTO: 'Strenger geurbeleid veehouderijen raakt ook multifunctionele landbouw'

‘Er komt een strenger geurbeleid voor veehouderijen binnen de Omgevingswet’, licht LTO haar pleidooi toe. ‘Een rechterlijke uitspraak en aangenomen moties in de Tweede Kamer hebben de urgentie om de geurnormen aan te passen vergroot.’
Aanpassing van geurnormen
Voor rundveebedrijven gelden momenteel afstandsnormen, terwijl voor intensieve veehouderijen een berekende geuruitstoot als norm wordt gebruikt. De overheid werkt aan een herziening van deze geurnormen. Daarnaast voeren sommige gemeenten eigen normen in, die per gebied strenger of juist soepeler kunnen zijn dan de landelijke regels. ‘Wanneer gemeenten geen eigen normen vaststellen, blijven de landelijke normen gelden’, legt LTO uit. ‘Voor ondernemers is het daarom belangrijk om ook de gemeentelijke ontwikkelingen rondom geurbeleid goed te volgen.’
Zorglandbouw en verblijfsrecreatie
De strengere geurnormen hebben niet alleen effect op veehouderijen, maar ook op de multifunctionele landbouw (MFL), constateert LTO. ‘Activiteiten zoals zorglandbouw met 24-uurs zorg of verblijfsrecreatie - waar wordt overnacht - worden in de Omgevingswet namelijk gezien als geurgevoelige bebouwing. Dit kan ertoe leiden dat ondernemers in de knel komen, bijvoorbeeld doordat er volgens de regels sprake kan zijn van onaanvaardbare geurhinder van de eigen bedrijfsvoering in de veehouderij.’
Maatschappelijk probleem
‘Geurhinder is een maatschappelijk probleem dat breed onderkend wordt’, stelt LTO. Zij vindt dat dit ook moet worden tegengegaan. Tegelijkertijd vindt de belangenorganisatie het van belang dat gemeenten ruimte houden voor maatwerk zoals voor de kleine opvanglocaties bij multifunctionele bedrijven. ‘Het aanscherpen van normen maakt het steeds lastiger om verschillende activiteiten naast elkaar te laten bestaan’, constateert LTO. ‘Dit gaat ten koste van de vitaliteit van het buitengebied en de transitie van de landbouw.’
Tijdspad
LTO trok over deze problematiek aan de bel in het zogeheten participatietraject van het ministerie, waarin belanghebbenden hun zegje konden doen. Dit traject is inmiddels afgerond. In de loop van 2026 wordt de vereiste plan-milieueffectrapportage (plan-MER) opgesteld. Deze brengt de milieu-impact van verschillende beleidsopties in kaart. Na afronding start het opstellen van de wetwijzigingsregelgeving. In de loop van 2027 wordt de conceptwetswijziging gedeeld en volgt er een zogeheten consultatie.

Tekst: Erik Kruisselbrink
Is als freelance vakbladredacteur van vele markten thuis.
Beeld: Patrick Klumper



