Hoogleraar en dierenarts: Verband tussen geiten en longaandoeningen niet hard te maken

Schukken en Van den Brom verwijzen daarbij in een opinie op de website van de Leeuwarder Courant naar een onderzoek met gegevens van huisartsen. Daarin zijn meerdere typen veehouderijbedrijven over meerdere afstanden vergeleken met huisartspatiënten in meerdere leeftijdsgroepen.
Zwak punt
Volgens Schukken en Van den Brom benoemden beoordelaars van het onderzoek – „gesteund door meerdere prominente artsen-opleiders” - de huisartsgegevens, waar het gehele epidemiologisch onderzoek op gebaseerd is, als een zwak punt in het onderzoek. „Kwaliteit van informatie afkomstig van huisartsen, zonder verdere diagnostiek, is ‘gewoon niet goed genoeg’ om daar verstrekkende causale conclusies op te baseren”, aldus Schukken en Van den Brom.
Lagere waarden dan elders
„Gemeten concentraties fijnstof en endotoxinen in stallucht van melkgeitenbedrijven blijken veel lager te zijn dan bij andere typen veehouderijen en ook lager dan in de omgeving van autowegen, stellen de twee deskundigen verder.
Niet genoeg patiënten
Volgens hen zijn bovendien niet voldoende patiënten met longaandoeningen gevonden in een speciaal daarvoor ontworpen studie. „Over een periode van vier jaar zijn uiteindelijk 108 patiënten in een studie meegenomen, terwijl er achthonderd verwacht en noodzakelijk waren voor valide resultaten.” Dat was gebaseerd op het veelgenoemde percentage van 73 procent, de ingeschatte extra patiënten met longaandoeningen rondom melkgeitenbedrijven. „De patiënten waren eenvoudigweg niet te vinden.”
Minder dan gemiddeld
Veehouders en hun gezinnen die wonen en werken op geitenbedrijven hebben minder longaandoeningen dan de gemiddelde Nederlander, stellen Schukken en Van den Brom. „Er is niet sprake van een beroepsziekte, het omgekeerde lijkt eerder het geval. Dan iedereen maar een geit…”
Geen causaal verband
Schukken en Van den Brom vertellen verder dat er na de eerste resultaten uit bovengenoemd epidemiologisch onderzoek vier promotieonderzoeken zijn gestart vanuit RIVM, Erasmus en Wageningen Universiteit om de observaties te onderbouwen. „Bij geen van deze onderzoeken is een causale of statistische relatie gevonden tussen de nabijheid tot een melkgeitenbedrijf en gezondheidsrisico’s.”
Verschillende oorzaken
Volgens Schukken en Van den Brom zijn veel verschillende (23) kiemen door de onderzoekers aangewezen als theoretisch mogelijke oorzaak voor longaandoeningen bij patiënten in de buurt van melkgeitenbedrijven. „Literatuuronderzoek laat zien dat deze kiemen letterlijk overal voorkomen, bij patiënten, op melkgeitenbedrijven, maar ook bij gezonde controlepersonen en overal in onze omgeving.”
Vaccinaties waardevol
Los van hun kritiek stellen de twee deskundigen dat vaccinaties wel waardevol zijn gebleken, vooral voor kinderen en meer kwetsbare bevolkingsgroepen. „Op melkgeitenbedrijven wordt voedsel geproduceerd. Denk aan melk, yoghurt en kaas, deze producten van melkgeitenbedrijven staan speciaal bekend als hypoallergeen.”
Substantiële twijfels
In het kader van de actualiteit melden Schukken en Van den Brom dat de Tweede Kamer binnenkort over het onderwerp spreekt. „Omwonenden, geitenhouders, politiek en het bredere publiek hebben recht op een antwoord op de vraag of er een werkelijk causale relatie bestaat tussen longaandoeningen en wonen in de nabijheid van melkgeitenbedrijven. Als deze vraag wordt beantwoord op basis van de huidige kennis, dan heeft dat veel onnodige consequenties voor heel veel mensen. Dat is vanwege de substantiële twijfels over de causale relatie tussen geiten en longaandoeningen bij mensen toch wel een beetje gek.”
De opinieschrijvers
Ynte Schukken is hoogleraar gezondheidszorg van landbouwhuisdieren aan de Wageningen en Utrecht Universiteit en ceo van GD Group. René van den Brom is dierenarts en Europees specialist gezondheidszorg kleine herkauwers, manager afdeling kleine herkauwers bij Royal GD.

Tekst: Erik Kruisselbrink
Is als freelance vakbladredacteur van vele markten thuis.
Beeld: Ellen Meinen
Bron: Leeuwarder Courant



